Start Prix de Rome tentoonstelling in Kunsthal Rotterdam

De tentoonstelling met het werk van de vier kunstenaars die zijn genomineerd voor de Prix de Rome Beeldende Kunst 2017 is vanaf 2 december in de Kunsthal Rotterdam te zien. Vanaf dat moment kan iedereen kennismaken met het nieuwe werk van Melanie Bonajo, Rana Hamadeh, Saskia Noor van Imhoff en Katarina Zdjelar. De bekendmaking van de winnaar is op vrijdagmiddag 15 december.

De genomineerden

Melanie Bonajo, Progress vs Sunsets. HD-Video, “00”48”24, Installation with Theo Demans. Installation view. Photo: Daniel Nicolas

Melanie Bonajo (Heerlen, 1978) woont en werkt in Amsterdam. Zij studeerde aan de Rietveld Academie en deed residencies aan de Rijksakademie in Amsterdam en ISCP in New York. Haar werk bestaat uit films, performances en installaties over de paradoxen die inherent zijn aan welvaart en technologische ontwikkelingen, zoals toenemende gevoelens van vervreemding en het verdwijnen van gevoelens van geborgenheid (saamhorigheid) bij individuen.

Can we send “funny” animal videos into space for aliens to discover the Earth’s ecosystem?
Deze en andere vragen onderzoekt Bonajo voor het tweede deel in haar trilogie Progress vs. Sunsets (2017), een serie over kwetsbare groepen die bedreigd worden door de neoliberale gedachte dat (economische) wetenschap in staat is de samenleving te transformeren in iets ‘beters’. Bonajo maakt duidelijk hoe deze zogenaamde vooruitgang heeft geleid tot de vernietiging van kwetsbare groepen, maar ook van persoonlijke gevoelens en denkwijzen. Het lijkt erop dat onze cultuur doof is voor de niet-menselijke wereld. Want hoe beïnvloedt de manier waarop dieren online worden afgebeeld het voortbestaan van de soort in het ‘wild’ of in gevangenschap? Aandacht voor online dieren vertelt ons iets over de toekomst van onze eigen soort, over wie op deze planeet beschermd wordt en wie niet.

Het leven van dieren hangt nauw samen met de manier waarop zij online worden afgebeeld. Hierdoor ontstaat volgens Bonajo een irrationele kijk op dieren, die de relatie tussen mens, dier en omgeving de afgelopen jaren drastisch heeft gewijzigd. De film ‘Progress vs Sunsets’ illustreert hoe onze relatie met de natuur is veranderd door de populariteit van amateur-natuurfilms en foto’s op internet. Bonajo laat dit zien door de ogen en de stemmen van kinderen, de nieuwe generatie die haarfijn gecompliceerde issues over dierenrechten, biodiversiteit, afnemende grondstoffen en ecologie kan aanwijzen. Zij herkennen het probleem dat aan dieren menselijk eigenschappen worden toegeschreven en dat Natuur gezien wordt als de ultieme ander, als een gebruiksvoorwerp dat buiten onszelf bestaat. Zij maken duidelijk welke gevolgen dit heeft voor menselijke verlangens, emoties, gevoelens en sentimenten ten opzichte van ‘de anderen’.

Ook stelt Bonajo in deze film aan de orde dat volwassenen vaak vooroordelen hebben ten opzichte van jongeren, dat zij hen systematisch discrimineren door volwassen denk- en gedragsmodellen toe te passen. Volwassenen worden daarbij gedreven door angst voor de blik van kinderen, kinder-subjectiviteit wijzen zij af. De magische niet-dualistische manier van denken wordt binnen westerse denkwijzen op afstand gehouden. Vanuit dit standpunt is mededogen afhankelijk van emoties en leiden emoties tot hechting. Deze emoties en verbintenissen worden van oudsher beschouwd als irrationeel, leidend tot kwetsbaarheid met een continue lijden als gevolg. Deze film laat het tegenovergestelde zien. Affectieve relaties, inclusief empathie en medelijden, hebben een rationele en praktische component die bij devaluatie een rechtvaardiging wordt voor onderdrukking en leidt tot vervorming van onze relatie met elkaar, met de aarde en met andere dieren. Uiteindelijk heeft dit gevolgen voor het overleven van onze eigen soort.

Rana Hamadeh, The Ten Murders of Josephine [The Tongue Twister]. Movement from the Opera, The Ten Murders of Josephine, Act III. 8-Channel Sound installation with Disklavier & Telephone. Installation view. Photo: Daniel Nicolas

Rana Hamadeh (Beirut/Libanon, 1983) woont en werkt in Rotterdam. Zij deed haar master aan de Dutch Art Institute/ArtEZ in Enschede. Hamadeh ontwikkelt langdurige onderzoeksprojecten zoals het ongoing project Alien Encounters dat zij sinds 2011 gebruikt om werk te ontwikkelen dat onderzoek doet naar vormen van geweld dat door bedrijven en regeringen wordt gefinancierd en door juridische apparaten mogelijk wordt gemaakt.

Ook haar grootschalige operaproject The Ten Murders of Josephine maakt deel uit van de serie. Een eerste aanzet in de vorm van een interactief ‘geluidskampement’ is nog te zien bij Witte de With Center for Contemporary Art in Rotterdam. Hamadeh bouwt in het project voort op het genre van rechtzaakspektakels en onderzoekt de condities van rechtsgeldigheid en het recht van spreken als onderdeel van juridische verhandelingen. Volgens Hamadeh is de getuigenverklaring onlosmakelijk onderdeel van de rechtspraak, maar blijven veel getuigenissen onuitspreekbaar en onuitgesproken. Daarbij stelt zij vragen aan de orde als ‘Hoe kan men in het heden getuigen over wat is uitgewist door koloniaal en patriarchaal geweld?’ In een poging de rechtspraak te kraken gebruikt Hamadeh het theater om een kakofonisch monument op te richten voor afwezige en uitgewiste stemmen, voor het onopgemerkte, onuitgesprokene en onuitspreekbare. Voor de Prix de Rome ontwikkelt zij een act uit deze opera die in zijn geheel wordt opgevoerd op 14 en 15 december in Theater Rotterdam.

Saskia Noor van Imhoff, # +31.001. 1. Fairly soft, very heavy, semi-hard (3–3.5), ductile, malleable, hackly fracture (can be scratched with a fingernail). Opaque with metallic lustre. Very thin sheets are translucent, letting through weak, greenish light. Dissolves easily, leaving the solution pale-blue. Installation view. Photo: Daniel Nicolas

Saskia Noor van Imhoff (Mission/Canada, 1982) woont en werkt in Amsterdam. Zij studeerde aan de Rietveld Academie en was resident bij onder andere De Ateliers en Künstlerhaus Bethanien in Berlijn. Van Imhoff maakt installaties die ontstaan uit een onderzoek naar het tonen, systematiseren en conserveren van (kunst)objecten. De context die de waarde en het verhaal van een object bepaalt, de architectuur van een ruimte en de systeemwereld van een omgeving gebruikt Van Imhoff voor haar eigen associatieve opvatting waarmee zij nieuwe dwarsverbanden legt tussen kunst en het alledaagse. Haar installaties worden opgebouwd uit een schakering van originele en gevonden objecten, eigen en andermans werken, teksten, diagrammen, een archief van online gevonden beelden en het document van eerdere tentoonstellingen. De specifieke manier waarop zij de objecten ordent, vormt een systeem op zich. De numerieke titel, die elk van haar tentoonstellingen draagt, refereert rechtstreeks aan deze systemen. Zo is de serialiteit in deze eigenzinnige ordening een voortbouwen op een hapering en telkens weer een nieuwe start. In deze ruimte vullende installaties vertrekt Van Imhoff vanuit de condities van de context waarin ze haar werk tentoonstelt.

In de installatie #+31.00 onderzoekt Van Imhoff hoe de tentoonstellingsruimte als artificiële vitrine kan dienen. Objecten in een vitrine worden op een statische wijze gepresenteerd, alsof zij zich in een tussentijds vacuüm bevinden. Het werk maakt een verbinding naar de manier waarop we onszelf proberen glad te strijken en te conserveren, verwijzend naar een tijdsverloop dat aan een persoonlijke staat kan worden verbonden. In de installatie #+31.00 stelt Van Imhoff de vraag of het ontleden van een onderhuids systeem niet tegelijkertijd een nieuwe constructie creëert. Hoe definiëren onzichtbare, immateriële en associatieve eigenschappen van een ruimte ons begrip van onze omgeving?

Katarina Zdjelar, Not a Pillar Not a Pile (Tanz fur Dore Hoyer). Multichannel audio-video work, 5’50” loop. Installation view. Photo: Daniel Nicolas

Katarina Zdjelar (Belgrado/Servië, 1979) woont en werkt in Rotterdam). Zij studeerde onder andere aan het Piet Zwart Instituut in Rotterdam. In haar video’s, geluidswerken en andere projecten onderzoekt zij hoe mensen zich gedragen door via taal, stem en lichaamstaal opnieuw hun eigen identiteit uit te vinden wanneer zij zich bewegen tussen verschillende culturen. Haar films, waarin natuurlijke en geënsceneerde handelingen en personages elkaar afwisselen, bewegen zich tussen het artificiële en de werkelijkheid en tonen de ambiguïteit, strijd en schoonheid van menselijke ervaringen.

Zdjelars nieuwe werk voor de Prix de Rome, Not a Pillar not a Pile (Dance for Dore Hoyer), is geïnspireerd op het archiefmateriaal van een dansstudio voor vrouwen die in 1945 in het naoorlogse Dresden werd opgericht door Dore Hoyer. Zij was een choreografe en Expressionistische danseres die het grafische werk van kunstenaar Käthe Kollwitz als uitgangspunt nam voor haar choreografieën. Het vertrekpunt van Zdjelars nieuwe filminstallatie is de artistieke ontmoeting tussen Kollwitz en Hoyer als een manifestatie van gedeelde affiniteiten met (proto) feministisch pacifisme, solidariteit en collectieve transformatie voorbij de grenzen van tijd, klassen- en sociale verschillen. Om het verleden naar het heden te brengen, bracht Zdjelar in deze film een internationale groep van dansers en activisten bij elkaar. Het patroon van hun kostuums en de filmset is vervaardigd door arbeidsters van de Pausa textielfabriek in Duitsland. In het anti-fascistische verzet van deze vrouwen klinkt het verzet van Hoyer en Kollwitz door, net zoals de houtsnedes in de vloerpanelen herinneren aan het grafische werk van Kollwitz. Het resultaat is een film-installatie waarin lichamen elkaar ontmoeten als een plek van verzet en mogelijkheden, verwijzend naar de breekbare kracht van collectieve acties in het heden.

Tentoonstellingsontwerp

Het tentoonstellingsontwerp is van Donna van Milligen Bielke, winnaar Prix de Rome Architectuur 2014. Voor elke kunstenaar tekende zij een eigen specifieke ruimte, die te betreden is vanaf een centraal plein. De wand die de verschillende ruimtes omsluit is een afspiegeling van de veelvormige Romeinse publieke ruimtes, geïnspireerd door haar verblijf en werkperiode bij de American Academy in Rome.

Publicatie

Tijdens de opening van de Prix de Rome tentoonstelling zal ook het eerste exemplaar worden uitgereikt van de bijbehorende publicatie. Maria Barnas schreef een inleidend essay en Julia Mullié en Laurens Otto (oud-winnaars Prijs voor de Jonge Kunstkritiek) schreven over het werk van de genomineerde kunstenaars. De publicatie is ontworpen door Lesley Moore en verschijnt bij nai010 publishers. Op 15 december wordt het tweede deel toegevoegd met juryrapport en foto’s van de tentoonstelling in Kunsthal Rotterdam.